Fusion PartyBus netwerken

Met de Fusion PartyBus™ netwerkfunctie kunt u meerdere compatibele stereo's met elkaar verbinden in een netwerk, door gebruik te maken van een combinatie van bekabelde of draadloze verbindingen.

OPMERKING: Wanneer u een Fusion® stereo met een Garmin BlueNet™ netwerk of Garmin® Marine Network verbindt, kunt u alleen Garmin en Fusion toestellen gebruiken. Mogelijk kunt u geen routers, opslagtoestellen of andere netwerkproducten van derden rechtstreeks met deze stereo gebruiken.
TIP: Wanneer de stereo is verbonden met een Garmin BlueNet netwerk of een Garmin Marine Network, kunt u een smartphone verbinden met een draadloos toegangspunt op een verbonden Garmin kaartplotter en de Fusion Audio app gebruiken om de stereo te bedienen.

U kunt geen Wi‑Fi® netwerken gebruiken wanneer een stereo-installatie is aangesloten op een Garmin netwerk.

U kunt een compatibele stereo, zoals de Fusion Apollo™ RA800 stereo, groeperen met andere compatibele stereo's die op het Fusion PartyBus netwerk zijn aangesloten. Gegroepeerde stereo's kunnen beschikbare bronnen delen en het afspelen van media regelen op alle stereo's in de groep, waardoor een gesynchroniseerde audio-ervaring in het hele vaartuig mogelijk is. U kunt snel groepen maken, bewerken en splitsen wanneer dat nodig is met elke compatibele stereo of afstandsbediening op het netwerk.
OPMERKING: Een zone-stereo, zoals de Fusion Apollo SRX400, kan een groep maken of eraan deelnemen om bronnen van andere stereo's te bedienen en af te spelen, maar kan de bronnen niet met de groep delen.

Raadpleeg de gebruikershandleiding voor meer informatie over het delen van bronnen.

U kunt compatibele stereo's en afstandsbedieningen gebruiken, ongeacht of deze gegroepeerd zijn of niet, om het volume van de beschikbare luidsprekerzones voor elke stereo in het netwerk aan te passen.

U kunt maximaal acht Fusion PartyBus stereo's draadloos verbinden met een netwerk.

Aandachtspunten bij bekabelde netwerken

Overweeg de volgende aandachtspunten voor alle bekabelde verbindingen bij het plannen van uw netwerkinstallatie.

  • Dit toestel maakt gebruik van Garmin BlueNet technologie voor bekabelde netwerkverbindingen. Ga voor meer informatie over Garmin BlueNet technologie, waaronder best practices voor het correct bouwen van een netwerk dat zowel Garmin BlueNet toestellen als oudere Garmin Marine Network toestellen bevat, naar garmin.com/manuals/bluenet

    • Als u deze stereo verbindt met een andere stereo of een ander toestel met een Garmin BlueNet netwerkpoort, kunt u standaard Garmin BlueNet kabels gebruiken (niet meegeleverd).

    • Als u deze stereo verbindt met een ander toestel dat gebruikmaakt van verouderde Garmin Marine Network kabels, moet u een Garmin Marine Network naar Garmin BlueNet netwerkadapterkabel gebruiken (010-12531-11 of 010-13094-00, niet meegeleverd).

    • Als u deze stereo verbindt met een andere stereo of een ander toestel dat gebruikmaakt van een standaard Ethernet-poort, dient u een RJ45 naar Garmin BlueNet netwerkadapterkabel te gebruiken (010-12531-02, niet meegeleverd).

    • Als u meerdere kaartplotters gebruikt met een combinatie van Garmin BlueNet netwerk- en verouderde Garmin Marine Network verbindingen, moet u dit toestel aansluiten op een Garmin BlueNet kaartplotter of schakelaar voor de beste prestaties.

    • Ga voor meer informatie over Garmin BlueNet technologie naar garmin.com/manuals/bluenet

  • U kunt één netwerkkabel gebruiken om de stereo rechtstreeks te verbinden met een compatibel toestel.

  • U moet bekabelde netwerkswitches en bekabelde of draadloze netwerkrouters gebruiken als u meer dan twee compatibele toestellen op een netwerk wilt aansluiten.

  • Als u een router installeert op het netwerk, dient u deze standaard te configureren als een DHCP-server. Raadpleeg de routerinstructies voor meer informatie.

  • Als u geen router installeert en er geen andere DHCP-servers op het netwerk zijn, moet u één Fusion PartyBus stereo configureren als DHCP-server (Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server).

Voorbeeld van een bekabeld netwerk voor directe aansluitingen

Er zijn geen wijzigingen in de netwerkinstellingen nodig wanneer u twee toestellen rechtstreeks op elkaar aansluit, maar voor de beste resultaten moet u één toestel configureren als DHCP-server (Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server).


Netwerkdiagram met toelichtingen

1

Fusion PartyBus stereo

2

Fusion PartyBus zone-stereo of afstandsbediening

Voorbeeld van een bekabeld netwerk met een schakelaar of router

U dient bekabelde netwerkswitches, een bekabelde netwerkrouter of allebei te gebruiken als u meer dan twee toestellen wilt aansluiten.

Als u meer dan twee toestellen hebt die gebruikmaken van Garmin BlueNet netwerktechnologie, kunt u een Garmin BlueNet 20 schakelaar gebruiken om ze te verbinden.

Als u geen router installeert en er geen andere DHCP-servers op het netwerk zijn, moet u één Fusion PartyBus stereo configureren als DHCP-server (Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server). Als u een router hebt geïnstalleerd, moet u deze mogelijk configureren als DHCP-server. Raadpleeg de routerinstructies voor meer informatie.


Netwerkdiagram met toelichtingen

1

Fusion PartyBus stereo

2

Schakelaar voor bekabeld netwerk, bekabelde netwerkrouter of Garmin BlueNet 20 switch

3

Fusion PartyBus zone-stereo of afstandsbediening

Aandachtspunten bij draadloze netwerken

Overweeg de volgende aandachtspunten voor alle draadloze verbindingen bij het plannen van uw netwerk.

  • Kabelverbindingen zijn betrouwbaarder dan draadloze verbindingen. U dient uw netwerk zodanig te plannen dat netwerkkabels worden gebruikt, maar als dat niet mogelijk is, zijn veel Fusion PartyBus toestellen compatibel met Wi‑Fi. U kunt ze verbinden met draadloze routers of toegangspunten.

  • Als u een draadloze router installeert op het netwerk, dient u deze standaard te configureren als de DHCP-server. Raadpleeg de instructies bij de draadloze router voor meer informatie.

  • Als u geen draadloze router gebruikt, kunt u dit toestel configureren als een draadloos toegangspunt, zodat u andere toestellen binnen het draadloze bereik kunt aansluiten.

    OPMERKING: Als u een router op het netwerk hebt geïnstalleerd, dient u dit toestel niet te configureren als een draadloos toegangspunt, omdat dit DHCP-conflicten kan veroorzaken en tot slechte netwerkprestaties kan leiden.
  • Als u een Fusion PartyBus toestel draadloos aansluit op het netwerk als een WI-FI CLIENT, is het niet mogelijk om extra bekabelde Fusion PartyBus toestellen aan te sluiten op het toestel.

  • U kunt een smartphone verbinden met het draadloze netwerk om elke stereo in het netwerk te bedienen met gebruik van de Fusion Audio app.

  • U kunt een Apple® toestel verbinden met het draadloze netwerk om media met gebruik van Apple AirPlay® 2 te streamen naar meerdere stereo's in het netwerk.

  • Als u een Bluetooth® toestel op de stereo aansluit, kan dit de verbinding met sommige Wi‑Fi verstoren.

  • Wi‑Fi signalen kunnen de Bluetooth toestelverbindingen verstoren. Schakel de Wi‑Fi instelling op uw stereo uit als u deze niet gebruikt om verbinding te maken met een draadloos netwerk of om een draadloos toegangspunt te bieden.

Voorbeeld van draadloos toegangspunt


Netwerkdiagram met toelichtingen

1

Fusion PartyBus stereo

2

Fusion PartyBus zonestereo

3

Mobiel toestel met de Fusion Audio app

Voorbeeld van een draadloos netwerk met een bekabelde schakelaar of router


Netwerkdiagram met toelichtingen

1

Fusion PartyBus stereo

2

Bekabelde netwerkschakelaar of bekabelde netwerkrouter

3

Fusion PartyBus zonestereo of afstandsbediening

4

Fusion PartyBus zonestereo

5

Mobiel toestel met de Fusion Audio app.

Voorbeeld van een draadloos netwerk met een draadloze router of draadloos toegangspunt


Netwerkdiagram met toelichtingen

1

Fusion PartyBus stereo

2

Draadloze netwerkrouter of draadloos toegangspunt

3

Fusion PartyBus zone-stereo of afstandsbediening

4

Fusion PartyBus zonestereo

5

Mobiel toestel met de Fusion Audio app

Een netwerk opzetten

U dient de grondbeginselen van netwerken te kennen wanneer u een netwerk voor Fusion PartyBus toestellen opzet.

Deze instructies helpen u de grondbeginselen van het opzetten en configureren van een netwerk uit te voeren en zijn van toepassing op de meeste situaties. Als u geavanceerde netwerktaken moet uitvoeren, zoals het toewijzen van statische IP-adressen aan toestellen op het netwerk of het configureren van geavanceerde instellingen op een aangesloten router, dient u wellicht een netwerkprofessional te raadplegen.

  1. Bepaal de installatielocatie van de Fusion PartyBus toestellen die u wilt aansluiten op het netwerk.
    OPMERKING: Kabelverbindingen zijn betrouwbaarder dan draadloze verbindingen. Gebruik waar mogelijk netwerkkabels in plaats van draadloze verbindingen bij het plannen van uw netwerk.
  2. Bepaal de installatielocatie van eventuele benodigde netwerkrouters of schakelaars.
  3. Leid de netwerkkabel naar de installatielocaties van de stereo's, schakelaars en router.
    OPMERKING: Als u deze stereo alleen aansluit op andere stereo's of toestellen met een Garmin BlueNet netwerkpoort, kunt u Garmin BlueNet kabels gebruiken in plaats van een Cat5e- of Cat6-kabel. Als u verbinding maakt met andere stereo's of toestellen met een standaard RJ45-netwerkpoort, moet u een Rj45-naar Garmin BlueNet adapterkabel (010-12531-02, niet meegeleverd) gebruiken om een Cat5e- of Cat6-kabel op deze stereo aan te sluiten.
  4. Sluit de netwerkkabels aan op de stereo's, schakelaars en router.
    OPMERKING

    Voltooi de installatie van de stereo's nog niet. U dient het netwerk te testen voordat u de stereo's installeert.

  5. Schakel alle toestellen die zijn aangesloten op het netwerk in, ook de draadloze toestellen.
  6. Selecteer een optie:
    • Als u een (bekabelde of draadloze) netwerkrouter gebruikt, raadpleegt u indien nodig de documentatie bij uw router om te lezen hoe u de router als DHCP-server moet configureren. Als u een router als DHCP-server gebruikt, moeten alle stereo's op het netwerk hun standaardconfiguratie (DHCP-client) gebruiken.

    • Als u geen draadloze router gebruikt, moet u indien nodig een stereo configureren als draadloos toegangspunt (Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt). Als u een stereo als draadloos toegangspunt configureert, wordt deze stereo de DHCP-server en moeten alle andere stereo's in het netwerk hun standaardconfiguratie (DHCP-client) gebruiken.

    • Als u geen netwerkrouter gebruikt, geen stereo gebruikt als draadloos toegangspunt en er geen andere DHCP-servers op het netwerk zijn, moet u een van de stereo's configureren als de DHCP-server (Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server).

  7. Test het netwerk door Menu > Groepen te selecteren om een lijst weer te geven met toestellen die op het netwerk zijn aangesloten en een optie te selecteren:
    • Als niet alle Fusion PartyBus toestellen beschikbaar zijn op het netwerk, dient u de netwerkproblemen op te lossen (Netwerkproblemen oplossen).

    • Als alle Fusion PartyBus toestellen beschikbaar zijn op het netwerk, voltooit u indien nodig de installatie voor elke stereo.

Netwerkconfiguratie

TIP: U kunt het netwerkstatuspictogram vanuit elk scherm selecteren om het netwerkconfiguratiemenu te openen.

Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server

Als u meer dan twee netwerktoestellen met een netwerkswitch of draadloos toegangspunt hebt verbonden, maar geen router hebt geïnstalleerd, dient u slechts één Fusion PartyBus stereo te configureren als DHCP-server.

OPMERKING

Als er meer dan één DHCP-server op het netwerk is aangesloten, leidt dit tot instabiliteit en slechte prestaties van alle toestellen in het netwerk.

OPMERKING: Als u deze stereo hebt ingesteld als WI-FI TOEGANGSPUNT, is deze standaard geconfigureerd als DHCP-server en zijn er geen verdere wijzigingen nodig (Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt).
  1. Als het toestel via een Ethernet-kabel op het netwerk is aangesloten, selecteert u Menu > Instel​lingen > Netwerk > Wi-Fi uit.
  2. Als het toestel via een Ethernet-kabel op het netwerk is aangesloten, selecteert u Statische IP > Sla op.
  3. Selecteer Geavanceerd > DHCP-server > DHCP ingeschakeld > Sla op.

De stereo verbinden met een Garmin netwerk

OPMERKING: Wanneer u de stereo verbindt met een Garmin BlueNet netwerk of een Garmin Marine Network, kunt u alleen Garmin en Fusion toestellen gebruiken. Mogelijk kunt u geen routers of andere netwerkproducten van derden rechtstreeks met deze stereo gebruiken.

U kunt Wi‑Fi netwerken niet gebruiken om verbinding te maken met een Garmin kaartplotter en u kunt ook geen Wi‑Fi netwerken gebruiken op de stereo wanneer deze is aangesloten op een Garmin kaartplotter via een bekabelde netwerkverbinding.

U kunt deze stereo aansluiten op een Garmin BlueNet netwerk of een Garmin Marine Network om de stereo weer te geven en te bedienen met een compatibele Garmin kaartplotter.

OPMERKING: Als een Garmin kaartplotter op het netwerk wordt gedetecteerd, schakelt de stereo automatisch over naar de Garmin Marine Network modus, start de stereo opnieuw op en worden alle andere netwerkinstellingen op de stereo uitgeschakeld. Als dit niet automatisch gebeurt, reset u de stereonetwerkinstellingen en maakt u opnieuw verbinding (Netwerkinstellingen herstellen). Als dit nog steeds niet automatisch gebeurt, herstelt u de fabrieksinstellingen van de stereo en sluit u deze opnieuw aan.

Deze stereo is compatibel met zowel Garmin BlueNet toestellen als Garmin Marine Network toestellen. U kunt de stereo op elk type netwerk aansluiten, maar als u meerdere stereo's hebt, moeten ze allemaal op één netwerktype of op een ander netwerktype zijn aangesloten.

OPMERKING: Als uw schip een combinatie van Garmin Marine Network en Garmin BlueNet netwerken heeft die via een Garmin BlueNet brug zijn verbonden, moeten alle stereo's op het Garmin BlueNet netwerk zijn aangesloten voor de beste prestaties.

Ga voor meer informatie over Garmin BlueNet technologie, waaronder best practices voor het bouwen van een netwerk dat zowel Garmin BlueNet toestellen als Garmin Marine Network toestellen bevat, naar garmin.com/manuals/bluenet.

TIP: Wanneer de stereo is verbonden met een Garmin netwerk, kunt u een mobiel toestel verbinden met een draadloos toegangspunt op een aangesloten Garmin kaartplotter en de Fusion Audio app gebruiken om de stereo te bedienen.
  1. Bepaal het beste toestel op het Garmin BlueNet netwerk of het Garmin Marine Network waarop u de stereo moet aansluiten.
  2. Selecteer een optie:
    • Als u de stereo wilt verbinden met een Garmin BlueNet toestel, gebruikt u een Garmin BlueNet kabel (niet meegeleverd).

    • Om de stereo te verbinden met een Garmin Marine Network toestel, gebruikt u een Garmin Marine Network naar Garmin BlueNet netwerkadapterkabel (010-12531-11 of 010-13094-00, niet meegeleverd).

Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt

Voordat u extra Fusion PartyBus toestellen of smartphones draadloos kunt verbinden met een Fusion PartyBus toestel, dient u één toestel te configureren als een draadloos toegangspunt. Dit is niet nodig als u een draadloze router of een ander draadloos toegangspunt hebt geïnstalleerd in het netwerk.

OPMERKING

U dient dit toestel niet te configureren als een draadloos toegangspunt als u een router op het netwerk hebt geïnstalleerd. Dit kan leiden tot DHCP-conflicten en tot slechte netwerkprestaties.

Raadpleeg de gebruikershandleiding voor meer gedetailleerde configuratie-instructies.

  1. Selecteer Menu > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI TOEGANGSPUNT.
  2. Selecteer Standaardw. gebruiken en wacht tot het toestel de netwerkinstellingen heeft opgeslagen.
    OPMERKING: Nadat de standaardinstellingen zijn opgeslagen, kunt u omlaag bladeren naar de onderkant van het menu Netwerk om de standaard SSID weer te geven die aan het toegangspunt zijn toegewezen.
  3. Selecteer Menu > Instel​lingen > Netwerk > Geavanceerd > WI-FI AP SETTINGS > Wachtwoorden voer een wachtwoord in voor het draadloze toegangspunt.
OPMERKING: Wanneer u de stereo configureert als een draadloos toegangspunt, kunt u ook de bekabelde netwerkverbinding gebruiken zonder extra instellingen te wijzigen. De bekabelde en draadloze netwerken worden overbrugd.

Het Fusion PartyBus toestel verbinden met een draadloos toegangspunt

U kunt dit toestel verbinden met een draadloos toegangspunt op een router of compatibel Fusion PartyBus toestel in het netwerk. Dit toestel kan verbinding maken via Wi‑Fi Protected Setup (WPS) als dat wordt ondersteund door uw toegangspunt. Dit toestel kan worden verbonden met een Apple Accessory Configuration (WAC) met behulp van een ondersteund Apple toestel.

  1. Selecteer Menu > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI CLIENT > SSID.

    Er verschijnt een lijst met draadloze toegangspunten die binnen bereik zijn.

  2. Selecteer het Fusion PartyBus draadloze toegangspunt.
  3. Selecteer indien nodig Wachtwoord, voer het wachtwoord in en selecteer Vinkje.
  4. Selecteer Sla op.
OPMERKING: Nadat u de stereo op een draadloos toegangspunt hebt aangesloten, kunt u de bekabelde netwerkverbinding niet gebruiken.

Netwerkinstellingen herstellen

U kunt de fabrieksinstellingen van alle netwerkinstellingen voor deze stereo herstellen.

  1. Selecteer Menu > Instel​lingen.
  2. Selecteer Netwerk > Geavanceerd > Herstel > Ja.

Geavanceerde netwerkconfiguratie

U kunt geavanceerde netwerktaken uitvoeren voor een Fusion PartyBus toestel, zo kunt u het DHCP-bereik definiëren en statische IP-adressen instellen. Raadpleeg de Gebruikershandleiding voor meer informatie.
OPMERKING: Wanneer de Garmin stereo via ethernet is aangesloten op een Marine Network en is geconfigureerd als DHCP-client, detecteert de stereo deze verbinding met het Garmin Marine Network en maakt het een verbinding.

Netwerkproblemen oplossen

Voer de volgende stappen uit als u de Fusion Apollo toestellen niet ziet op het netwerk of er niet mee kunt verbinden.

  • Controleer of alle Fusion Apollo stereo's, afstandsbedieningen, netwerkschakelaars, routers en draadloze toegangspunten zijn ingeschakeld en verbonden met het netwerk.
  • Controleer of draadloze Fusion Apollo toestellen zijn verbonden met een draadloze router of een draadloos toegangspunt in het netwerk.
    OPMERKING: Kabelverbindingen zijn betrouwbaarder dan draadloze verbindingen. Indien mogelijk, dient u toestellen met een Ethernet-kabel op het netwerk aan te sluiten.
  • Controleer of slechts één toestel, hetzij een stereo of een router, is geconfigureerd als een DHCP-server. Als u bent verbonden met een Garmin kaartplotter via een bekabelde Garmin BlueNet of Garmin Marine Network verbinding, fungeert deze als de DHCP-server voor het netwerk en dient er geen aangesloten stereo te worden geconfigureerd als DHCP-server.
  • Wijzig het kanaal op uw router of draadloze toegangspunt om te controleren of er interferentie is en dit te corrigeren.

    Als er veel draadloze toegangspunten in de buurt zijn, kan er interferentie optreden.

  • Koppel Bluetooth toestellen los om te controleren op storingen en deze te verhelpen.

    Als u een Bluetooth toestel aansluit op een stereo die is geconfigureerd als een draadloos toegangspunt of client, kunnen de draadloze prestaties afnemen.

  • Als u vaste IP-adressen configureert, controleert u of elk toestel een uniek IP-adres heeft, dat de eerste drie sets cijfers in de IP-adressen overeenkomen en dat de subnetmaskers op elk toestel identiek zijn.
  • Herstel de standaardwaarden van alle netwerkinstellingen als u configuratiewijzigingen hebt aangebracht die mogelijk de oorzaak van de netwerkproblemen zijn.
  • Als u het Fusion Apollo toestel hebt verbonden met een Garmin kaartplotter met behulp van een bekabelde Garmin BlueNet of Garmin Marine Network verbinding, worden de netwerkinstellingen op het toestel automatisch gewijzigd in Garmin Marine Network.

    Als de netwerkinstellingen niet veranderen zoals verwacht, stelt u de netwerkinstellingen op het toestel opnieuw in (Netwerkinstellingen herstellen).

GUID-93B550BE-32FB-4B88-B776-F28617ABA7D5 v6
Augustus 2026