Netwerkinstellingen

OPMERKING: Als een Garmin® kaartplotter op het netwerk wordt gedetecteerd, schakelt de stereo automatisch over naar de Garmin Marine Network modus en worden alle andere netwerkinstellingen uitgeschakeld.
TIP: U kunt het netwerkstatuspictogram vanuit elk scherm selecteren om het netwerkconfiguratiemenu te openen.

Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk.

Wi-Fi uit

Hiermee worden alle Wi‑Fi® draadloze functies uitgeschakeld.

WI-FI CLIENT

Hiermee wordt de stereo als de draadloze client geconfigureerd, waardoor deze draadloos verbinding kan maken met andere toestellen.

WI-FI TOEGANGSPUNT

Configureert de stereo als een draadloos toegangspunt (Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt).

Geavanceerd

Hiermee kunt u de geavanceerde draadloze en bekabelde instellingen instellen, zoals DHCP en SSID (Geavanceerde netwerkconfiguratie).

Herstel

Hiermee worden de fabrieksinstellingen van alle netwerkinstellingen voor deze stereo hersteld.

Het Fusion PartyBus toestel verbinden met een draadloos toegangspunt

U kunt dit toestel verbinden met een draadloos toegangspunt op een router of compatibel Fusion PartyBus™ toestel in het netwerk. Dit toestel kan verbinding maken via Wi‑Fi Protected Setup (WPS) als dat wordt ondersteund door uw toegangspunt (Het toestel met een draadloos toegangspunt verbinden via Wi‑Fi Protected Setup). Dit toestel kan worden verbonden met een Apple® Accessory Configuration (WAC) met behulp van een ondersteund Apple toestel (Het toestel met een draadloos toegangspunt verbinden via Apple Wireless Accessory Configuration).

  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI CLIENT > SSID.

    Er verschijnt een lijst met draadloze toegangspunten die binnen bereik zijn.

  2. Selecteer het Fusion PartyBus draadloze toegangspunt.
  3. Selecteer indien nodig Wachtwoord, voer het wachtwoord in en selecteer Vinkjesymbool.
  4. Selecteer Sla op.
OPMERKING: Nadat u de stereo op een draadloos toegangspunt hebt aangesloten, kunt u de bekabelde netwerkverbinding niet gebruiken.

Het toestel met een draadloos toegangspunt verbinden via Wi‑Fi Protected Setup

Als dit wordt ondersteund door uw draadloze toegangspunt, kunt u dit toestel verbinden via Wi‑Fi Protected Setup (WPS) in plaats van de SSID handmatig te selecteren en het wachtwoord in te voeren.
OPMERKING: Raadpleeg de gebruikershandleiding van uw draadloze toegangspunt voor informatie over het inschakelen van WPS.
  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI CLIENT > WPS.
  2. Schakel de WPS-verbinding op uw draadloze toegangspunt in.
OPMERKING: Wanneer u de stereo aansluit op een draadloos toegangspunt, kunt u de bekabelde netwerkverbinding niet gebruiken.

Het toestel met een draadloos toegangspunt verbinden via Apple Wireless Accessory Configuration

Als dit wordt ondersteund door het Apple toestel, kunt u dit toestel verbinden met behulp van Wireless Accessory Configuration (WAC) in plaats van de SSID handmatig te selecteren en het wachtwoord in te voeren.
OPMERKING: Raadpleeg de gebruikershandleiding van uw Apple toestel voor informatie over het gebruik van WAC.
  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI CLIENT > WAC.
  2. Gebruik uw compatibele Apple toestel om de verbinding te voltooien.
OPMERKING: Wanneer u de stereo aansluit op een draadloos toegangspunt, kunt u de bekabelde netwerkverbinding niet gebruiken.

Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt

Voordat u extra Fusion PartyBus toestellen of smartphones draadloos kunt verbinden met een Fusion PartyBus toestel, dient u één toestel te configureren als een draadloos toegangspunt. Dit is niet nodig als u een draadloze router of een ander draadloos toegangspunt hebt geïnstalleerd in het netwerk.

OPMERKING

U dient dit toestel niet te configureren als een draadloos toegangspunt als u een router op het netwerk hebt geïnstalleerd. Dit kan leiden tot DHCP-conflicten en tot slechte netwerkprestaties.

  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > WI-FI TOEGANGSPUNT.
  2. Selecteer een optie:
    • Als u standaard toegewezen standaardinstellingen voor toegangspunten wilt gebruiken, selecteert u Standaardw. gebruiken, en wacht u tot het toestel de netwerkinstellingen heeft opgeslagen.

      OPMERKING: Nadat de standaardinstellingen zijn opgeslagen, kunt u omlaag bladeren naar de onderkant van het menu Netwerk om de standaard SSID weer te geven die aan het toegangspunt zijn toegewezen.
    • Als u de naam van het toegangspunt en de beveiligingsinstellingen wilt aanpassen, selecteert u Geavanceerd > WI-FI AP SETTINGS, en gaat u verder met de volgende stap.

  3. Selecteer SSID, en wijzig de SSDI-standaardinstelling of -naam voor het draadloze toegangspunt.
  4. Selecteer AP-beveiliging: %1, en wijzig het beveiligingstype voor het toegangspunt.
    OPMERKING: Het wordt ten zeerste aanbevolen om de WPA3 Personal AP-beveiliging: %1 instelling te gebruiken, omdat dit het veiligste protocol is. Als u problemen ondervindt met de verbinding met andere toestellen, moet u WPA2 Personal gebruiken, omdat dit het meest gebruikte draadloze beveiligingsprotocol is.
  5. Selecteer Wachtwoord, en wijzig het standaard ingestelde wachtwoord voor het toegangspunt.
  6. Selecteer zo nodig Land: %1, en selecteer uw regio.
  7. Selecteer Kanaal: %1, en selecteer een kanaalbereik voor het toegangspunt in (optioneel).
  8. Selecteer Sla op.

    U kunt de configuratie van het draadloze toegangspunt op elk moment wijzigen (Instellingen voor draadloos toegangspunt).

OPMERKING: Wanneer u de stereo configureert als een draadloos toegangspunt, kunt u ook de bekabelde netwerkverbinding gebruiken zonder extra instellingen te wijzigen. De bekabelde en draadloze netwerken worden overbrugd.

Instellingen voor draadloos toegangspunt

Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > Geavanceerd > WI-FI TOEGANGSPUNT.
OPMERKING: U moet het toestel als draadloos toegangspunt configureren voordat u de instellingen kunt wijzigen (Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt).
OPMERKING:
SSID

Hiermee stelt u de SSID of naam voor het netwerk in.

AP-beveiliging: %1

Hiermee stelt u het type draadloze beveiligingsprotocol in dat wordt gebruikt door het toegangspunt.

OPMERKING: Het wordt sterk aanbevolen om de AP-beveiliging: %1 in te stellen met WPA2 Personal. Het is het meest gebruikte en veiligste draadloze beveiligingsprotocol.
Wachtwoord

Hiermee kunt u het wachtwoord voor het toegangspunt instellen. Deze optie is niet beschikbaar wanneer AP-beveiliging: %1 is ingesteld op Geen.

Land: %1

Hiermee stelt u de regio in waar de stereo zich bevindt. Verschillende regio's kunnen gebruikmaken van verschillende kanalen in het draadloze spectrum, dus u moet deze optie optimaal instellen voor lokale draadloze toestellen.

Kanaal: %1

Hiermee stelt u het toegangspunt in voor gebruik van een groep kanalen in het hoge, lage of middenbereik van het beschikbare spectrum voor uw regio. U kunt betere prestaties ervaren als u het kanaal in een bereik met minder uitzendende toegangspunten instelt.

DHCP-server

Hiermee stelt u het toestel in als draadloos toegangspunt en de DHCP-server op het netwerk (DHCP-instellingen).

WPS

Start een Wi‑Fi beveiligde Setup (WPS)-verbinding. Toestellen met een WPS-knop of -instelling kunnen verbinding maken met het toegangspunt op deze stereo wanneer de WPS-verbinding actief is.

OPMERKING: Het kan tot twee minuten duren om verbinding te maken met het toegangspunt nadat u WPS hebt geselecteerd.

Geavanceerde netwerkconfiguratie

U kunt geavanceerde netwerktaken uitvoeren voor een Fusion PartyBus toestel, zo kunt u het DHCP-bereik definiëren en statische IP-adressen instellen.
OPMERKING: Wanneer de Garmin stereo via ethernet is aangesloten op een Marine Network en is geconfigureerd als DHCP-client, detecteert de stereo deze verbinding met het Garmin Marine Network en maakt het een verbinding.

Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > Geavanceerd.

DHCP-client

Hiermee stelt u het toestel in als DHCP-client. Dit is de standaardinstelling voor alle toestellen die niet zijn geconfigureerd als DHCP-server of draadloos toegangspunt.

Statische IP

Hiermee kunt u een statisch IP-adres voor het toestel instellen (Een vast IP-adres instellen).

Details

Geeft informatie over de netwerkconfiguratie weer.

Het Fusion PartyBus toestel instellen als de DHCP-server

Als u meer dan twee netwerktoestellen met een netwerkswitch of draadloos toegangspunt hebt verbonden, maar geen router hebt geïnstalleerd, dient u slechts één Fusion PartyBus stereo te configureren als DHCP-server.

OPMERKING

Als er meer dan één DHCP-server op het netwerk is aangesloten, leidt dit tot instabiliteit en slechte prestaties van alle toestellen in het netwerk.

OPMERKING: Als u deze stereo hebt ingesteld als WI-FI TOEGANGSPUNT, is deze standaard geconfigureerd als DHCP-server en zijn er geen verdere wijzigingen nodig (Het Fusion PartyBus toestel instellen als een draadloos toegangspunt).
OPMERKING: Hoewel de Fusion PartyBus toestellen met elkaar kunnen communiceren zonder een DHCP-server in het netwerk, duurt het langer voordat de toestellen verbinding met elkaar maken wanneer u ze voor het eerst inschakelt. Het wordt ten zeerste aanbevolen één goed geconfigureerde DHCP-server op het netwerk te hebben voor de beste resultaten.
  1. Als het toestel via een Ethernet-kabel op het netwerk is aangesloten, selecteert u Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > Wi-Fi uit.

    U moet Wi‑Fi uitschakelen voordat u de stereo kunt instellen als bekabelde DHCP-server.

  2. Als het toestel via een Ethernet-kabel op het netwerk is aangesloten, selecteert u Statische IP > Sla op.

    U moet de stereo zo instellen dat er een statisch IP-adres wordt gebruikt voordat u deze als een bekabelde DHCP-server kunt instellen.

  3. Selecteer Geavanceerd > DHCP-server > DHCP ingeschakeld > Sla op.

    U kunt het IP-adresbereik van de DHCP-server configureren (DHCP-instellingen).

DHCP-instellingen

Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > Geavanceerd > DHCP-server.

DHCP ingeschakeld

Hiermee stelt u het toestel in als de DHCP-server op het netwerk.

Start-IP: %1

Hiermee stelt u het eerste IP-adres in het IP-adresbereik van de DHCP-server in.

Eind-IP: %1

Hiermee stelt u het laatste IP-adres in het IP-adresbereik van de DHCP-server in.

De stereo verbinden met een Garmin netwerk

OPMERKING: Wanneer u de stereo verbindt met een Garmin BlueNet™ netwerk of een Garmin Marine Network, kunt u alleen Garmin en Fusion® toestellen gebruiken. Mogelijk kunt u geen routers of andere netwerkproducten van derden rechtstreeks met deze stereo gebruiken.

U kunt Wi‑Fi netwerken niet gebruiken om verbinding te maken met een Garmin kaartplotter en u kunt ook geen Wi‑Fi netwerken gebruiken op de stereo wanneer deze is aangesloten op een Garmin kaartplotter via een bekabelde netwerkverbinding.

U kunt deze stereo aansluiten op een Garmin BlueNet netwerk of een Garmin Marine Network om de stereo weer te geven en te bedienen met een compatibele Garmin kaartplotter.

OPMERKING: Als een Garmin kaartplotter op het netwerk wordt gedetecteerd, schakelt de stereo automatisch over naar de Garmin Marine Network modus, start de stereo opnieuw op en worden alle andere netwerkinstellingen op de stereo uitgeschakeld. Als dit niet automatisch gebeurt, reset u de stereonetwerkinstellingen en maakt u opnieuw verbinding (Netwerkinstellingen herstellen). Als dit nog steeds niet automatisch gebeurt, herstelt u de fabrieksinstellingen van de stereo en sluit u deze opnieuw aan.

Deze stereo is compatibel met zowel Garmin BlueNet toestellen als Garmin Marine Network toestellen. U kunt de stereo op elk type netwerk aansluiten, maar als u meerdere stereo's hebt, moeten ze allemaal op één netwerktype of op een ander netwerktype zijn aangesloten.

OPMERKING: Als uw schip een combinatie van Garmin Marine Network en Garmin BlueNet netwerken heeft die via een Garmin BlueNet brug zijn verbonden, moeten alle stereo's op het Garmin BlueNet netwerk zijn aangesloten voor de beste prestaties.

Ga voor meer informatie over Garmin BlueNet technologie, waaronder best practices voor het bouwen van een netwerk dat zowel Garmin BlueNet toestellen als Garmin Marine Network toestellen bevat, naar garmin.com/manuals/bluenet.

TIP: Wanneer de stereo is verbonden met een Garmin netwerk, kunt u een mobiel toestel verbinden met een draadloos toegangspunt op een aangesloten Garmin kaartplotter en de Fusion Audio app gebruiken om de stereo te bedienen.
  1. Bepaal het beste toestel op het Garmin BlueNet netwerk of het Garmin Marine Network waarop u de stereo moet aansluiten.
  2. Selecteer een optie:
    • Als u de stereo wilt verbinden met een Garmin BlueNet toestel, gebruikt u een Garmin BlueNet kabel (niet meegeleverd).

    • Om de stereo te verbinden met een Garmin Marine Network toestel, gebruikt u een Garmin Marine Network naar Garmin BlueNet netwerkadapterkabel (010-12531-11 of 010-13094-00, niet meegeleverd).

Een vast IP-adres instellen

Als de stereo is geconfigureerd als DHCP-server, wordt automatisch het IP-adres 192.168.0.1 toegewezen. U kunt dit IP-adres wijzigen.

Als de stereo een client op het netwerk is en u niet wilt dat de DHCP-server automatisch een IP-adres toewijst aan de stereo, kunt u een vast IP-adres instellen.

OPMERKING: Elk toestel op het netwerk moet een uniek IP-adres hebben. Als u een vast IP-adres selecteert dat hetzelfde is als het IP-adres op het netwerk, werken de toestellen niet goed.
  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen > Netwerk > Geavanceerd.
  2. Selecteer een optie:
    • Als de stereo is aangesloten via een Ethernet-kabel, selecteert u Ethernet-IP > Statische IP.

    • Als de stereo is ingesteld als draadloos toegangspunt of draadloze client, selecteert u Wi-Fi IP.

  3. Selecteer een optie:
    • Als u het IP-adres wilt instellen, selecteert u IP en voert u het IP-adres in.

    • Als u het subnetmasker wilt instellen, selecteert u Masker: %1 en voert u het subnetmasker in.

      OPMERKING: Het subnetmasker moet overeenkomen met alle andere toestellen op het netwerk om goed te werken. Een veelgebruikt subnetmasker is 255.255.255.0.
    • Als u het IP-adres van de standaardgateway wilt instellen, selecteert u Gateway en voert u het IP-adres van de gateway in.

      OPMERKING: De standaardgateway wordt doorgaans ingesteld als het IP-adres van de DHCP-server op het netwerk.
  4. Selecteer Sla op.

Netwerkinstellingen herstellen

U kunt de fabrieksinstellingen van alle netwerkinstellingen voor deze stereo herstellen.

  1. Selecteer Menusymbool > Instel​lingen.
  2. Selecteer Netwerk > Geavanceerd > Herstel > Ja.
GUID-2BF6BEB7-4CE7-4804-9935-F0D912E72FA7 v5
Augustus 2026